Gesprekken in cafĂ©’s leveren altijd kennis op, die op dat moment als zeer briljant wordt beschouwd. Vooral door degene die spreekbuis voor de drank speelt. Gisteren was ik met een goede vriend aan het bedenken wat eigenlijk het bestaansrecht is van adviseurs.
Ik denk dat je dat kan benaderen vanuit de systeemtheorie, die stelt dat systemen bestaan, omdat ze de complexiteit van de wereld reduceren op hun eigen manier.
Een adviseur huur je in, om voor jou de complexiteit te reduceren. Die reductie kan bijvoorbeeld slaan op het optimaliseren van bestaande processen: managementinformatiesystemen, stuklijstoptimalisatie, marktonderzoek etc.
Dit soort adviseurs lijken allemaal in redelijke mate op elkaar denk ik. De benadering van dit type systemen kan je als klant vantevoren redelijk inschatten en de effecten ook. Bijvoorbeeld een auditor die een Six Sigma methode gaat toepassen om hiaten in je ERP te lokaliseren.

Er zijn echter ook complexiteit issues, die een lastiger voorspelbaar karakter hebben. Adviseurs (systemen) die je inhuurt voor reductie van de complexiteit van bedrijfscultuur, klantbinding, marketing en strategie bijvoorbeeld. Hoe zulke complexiteit kan worden gereduceerd kan ik zelf amper bevatten, dat ligt vermoedelijk aan de epistemologische voorkeuren van je systeem. Ik vermoed zelf dat veel klanten ook niet vantevoren kunnen bepalen wat succes betekent.
Ik kan me voorstellen dat klanten snel geneigd zijn, om aan te nemen dat het eerste type adviseurs ook complexiteit van de tweede aard kan reduceren. Is dat niet iets waar nog niches zitten in de adviseurswereld?
Een abstract verhaaltje misschien, en uiteraard heel kort door de bocht. Dat is ongetwijfeld inherent aan het feit dat ik dit pas na een aantal biertjes uit mijn mouw schudde. Toch is het een benadering voor een vraagstuk wat me al tijden bezig houdt: waarom bestaan adviseurs, en hoe meet je hun succes?
No comments yet.